Advies

Advies voor ontwormen van veulens en (jonge) paarden

Voor veulens adviseren wij met een leeftijd van 2-4 weken te ontwormen met fenbendazol. Op bedrijven waar geen veulenworm aanwezig is, kan deze ontworming overgeslagen worden.

Zes tot acht weken nadat het veulen op de weide komt, moet ontwormd worden tegen rode bloedworm (en grote strongyliden) met ivermectine. Afhankelijk van de besmetting met rode bloedworm/strongyliden en de mate van resistentie tegen pyrantel op uw bedrijf, kan het nodig zijn nogmaals te ontwormen met ivermectine gedurende het weideseizoen. Zeker wanneer u een vroeg veulen heeft.

Op ongeveer 3 en 5 maanden leeftijd adviseren wij te ontwormen tegen spoelworm met pyrantel. Afhankelijk van de besmetting moet dit soms nogmaals herhaald worden op 7 maanden.

Eind herfst/begin winter is het nodig te ontwormen tegen lintworm (en horzellarven). Dit kan met praziquantel, in combinatie met ivermectine.

Ook bij veulens is het nuttig mestonderzoek te doen! Zo kan de besmettingsgraad op uw bedrijf gemonitord worden en daarnaast pikken we mogelijke wormresistentie eerder op. Voor een globale indruk van de mate van wormbesmetting in de kudde, kan ook onderzoek gedaan worden op een mengmonster.

Een mogelijk schema voor uw veulen kan er als volgt uit zien:

Begin april geboren

Begin mei/juni    (1-2 mnd oud)

Begin juli   
(3 mnd oud)

Begin september 
(5 mnd oud)

Einde herfst

Ontworming

Fenbendazol of ivermectine

Pyrantel

Pyrantel

Praziquantel/ 

ivermectine

Let op: Equest pramox mag pas gebruikt worden wanneer uw veulen ouder is dan 6.5 maand. Equest mag pas gebruikt worden wanneer uw veulen ouder is dan 4 maanden. Strongid-P mag vanaf 4 weken. Equimax mag vanaf 2 weken. Panacur en Eraquell mogen gebruikt worden op alle leeftijden.
Geef bij twijfel dus nooit zomaar een kuur die u nog heeft liggen aan uw veulen!

Ook jonge paarden (tot 3 jaar) adviseren wij om regelmatig preventief te ontwormen. Dit doen we via onderstaand protocol, tenzij op uw bedrijf reden is om daar vanaf te wijken. Dat kan bijvoorbeeld een hoge besmettingsgraad zijn, of een resistentieprobleem. Neem bij twijfel contact met ons op, om uw wormpreventieplan te bespreken!

feb/mrt

juni/juli

aug/sep

Begin winter

Pyrantel

Ivermectine of Fenbendazol

Fenbendazol of pyrantel (afh. v spoelwormproblematiek)

Praziquantel en moxidectine

Ook bij jonge paarden is het nuttig mestonderzoek te doen! Zo kan de besmettingsgraad op uw bedrijf gemonitord worden en daarnaast pikken we mogelijke wormresistentie eerder op. Voor een globale indruk van de mate van wormbesmetting in de kudde, kan ook onderzoek gedaan worden op een mengmonster.

Heeft u vragen over het ontwormen van uw paard?

Neem contact op

Advies drachtige merries

Om te voorkomen dat het veulen via de merrie besmet raakt met veulenworm, is het verstandig haar 2 weken voor de uitgerekende datum preventief te ontwormen met fenbendazol of ivermectine. Wanneer er geen veulenworm aanwezig is op uw bedrijf, is dit niet nodig. U dient dan wel regelmatig mestonderzoek te laten doen en uw drachtige merrie te ontwormen als dat nodig is.

Let op: in de laatste weken van de dracht wordt het afgeraden uw merrie met Equest of Equest Pramox te ontwormen.

Advies volwassen paarden

Voor volwassen paarden raden wij aan om minimaal tweemaal per jaar mestonderzoek te doen. Het eerste mestonderzoek vindt plaats in het voorjaar, liefst voordat de paarden op de weide gaan. Zo nodig kunnen we dan ontwormen en zorgen dat de weide vrij blijft van wormeieren. Het tweede mestonderzoek vindt plaats aan het einde van de zomer. Mocht het nodig zijn op basis van een mestonderzoek te ontwormen, adviseren wij nog een extra mestonderzoek na 4-6 weken. Eenmaal per jaar in het najaar wordt er standaard ontwormd met een kuur die praziquantel bevat (tegen lintworm), omdat de lintworm slecht aan te tonen is door middel van een standaard mestonderzoek. De praziquantel is niet nodig wanneer uw paarden vrij zijn van lintworm, wat kan worden vastgesteld door middel van een speekseltest.

Van volwassen paarden zonder klachten die structureel weinig tot geen wormeitjes in de mest hebben, kan overwogen worden om maar één keer of zelfs helemaal geen mestonderzoek meer te doen. Uit onderzoek blijkt dat slechts 1 op de 5 volwassen paarden regelmatig ontworming nodig heeft, vaak is dit telkens hetzelfde paard (of paarden) uit de kudde.

Zorg ervoor dat alle paarden uit een groep tegelijkertijd ontwormd worden, en idealiter op dat moment ook naar en schone weide gaan. Er wordt ontwormd afhankelijk van het aantal worm-Eieren Per Gram mest (ofwel EPG), we kijken dan naar strongylus-type eieren (bloedworm en grote strongylide) en spoelworm-eieren. Op basis van dit EPG adviseren wij niet te ontwormen (EPG <250) of wel te ontwormen (EPG >500). Een EPG tussen de 250 en 500 is een grijs gebied. Afhankelijk van uw paard, manier van houden en eventuele klachten maken we een afweging om wel of niet te gaan ontwormen. Heeft uw paard klachten die passen bij een worminfectie, maar een EPG beneden de 250? Dan kijken we kritisch naar de ontwormgeschiedenis en besluiten we op basis daarvan of een kuur op dat moment nodig is.

Wilt u een afspraak maken voor uw paard? Bel naar 040-7200819 of stuur een e-mail naar info@boschhoven.nl.

Neem contact op